T 070 - 390 62 60
AantjesZevenberg, waarborgfonds motorverkeer, letselschade, aanrijding, ongeval, schade

Aansprakelijkheid van scholen voor ongevallen

Ongevallen van leerlingen op scholen leiden maar zelden tot aansprakelijkheid van het bevoegd gezag, zo bewijst maar weer een uitspraak van de Rechtbank Den Haag van 16 maart 2016.

Die zaak betrof een leerling van een basisschool. Deze komt ten val tijdens een oefening op een wandrek. De moeder – als wettelijk vertegenwoordiger – stelt dat de docente een verkeerde beslissing genomen door een angstig, zwaar kind met een slechte motoriek tegen zijn zin een gymoefening uit te laten voeren, terwijl zij onvoldoende voorzorgsmaatregelen had getroffen. De rechtbank komt tot het oordeel dat de docente bij de uitvoering van de gymoefening heeft gehandeld binnen de grenzen van haar zorgplicht en dat zich geen situatie heeft voorgedaan waarin voor haar voorzienbaar was dat de gymoefening zonder (verdere) maatregelen ter voorkoming van ongevallen of beperking van de gevolgen daarvan, voor de leerling een verhoogd risico van letsel meebracht. De vordering wordt afgewezen. (vindplaats: ECLI:NL:RBDHA:2016:3712

De uitspraak is in lijn met eerdere vergelijkbare gevallen. Zie bijvoorbeeld de uitspraak van de Rechtbank Midden-Nederland van 30 december 2015. Er wordt een sportdag gehouden en daarbij wordt ook een sprint georganiseerd. De leerlingen moeten de 100 m. twee keer lopen, een keer in de ene en een keer in de andere richting, waarbij de leerlingen elkaar in tegengestelde richting passeren. Een meisje komt en val en houdt er een lelijk knieletsel aan over, dat haar beperkt in haar dagelijkse bezigheden. Zij stelt dat zij ten val is gekomen omdat de uitloopmogelijkheid van 8 m. te kort was, maar zij slaagt er niet in om die stelling voldoende te onderbouwen. De vordering wordt afgewezen. (vindplaats: ECLI:NL:RBMNE:2015:9579)

Zie bijvoorbeeld ook Rechtbank Zuid-West-Brabant van 18 november 2015. Tijdens de gymles wordt een tikspel gespeeld: de leerlingen moeten elkaar aantikken terwijl ze hardlopen. Een van de leerlingen zakt door zijn knieën in het kader van het spel en wordt daardoor door een medeleerling op haar oor getikt, met als gevolg een scheurtje in haar trommelvlies. De vraag is of de gymleraar aan zijn zorgplicht heeft voldaan, hij heeft gezegd dat de leerlingen alleen maar mogen tikken en niet mogen duwen. De rechtbank overweegt: “Naar het oordeel van de rechtbank is niet vast komen te staan dat de kans op een ongeval en/of letsel bij het onderhavige tikspel zo groot is, dat de gymdocent ter voldoening van zijn zorgplicht gehouden was om, naast de instructie om op het lichaam te tikken en niet te duwen, ook de door [naam eiser] gestelde (specifieke) instructies te geven dan wel het tikspel niet te laten plaatsvinden. Uit de door [naam vereniging] ingebrachte producties, zoals een uitdraai van een spellenboek, blijkt dat het tikspel ook door kinderen in het basisonderwijs wordt gespeeld en een overzichtelijk, vrij onschuldig en gangbaar tikspel is, waarbij weinig lichaamscontact plaatsvindt en geen hardhandige of wilde bewegingen (hoeven te) worden gemaakt. Nu het een tikspel betreft, sprak het voor zich dat er alleen mocht worden getikt, hetgeen vanzelfsprekend op de arm, schouder, rug of romp plaatsvindt en niet op het hoofd. Het hoofd was aldus geen zodanige risicofactor dat dit onderdeel moest zijn van de instructie. Bovendien is het een feit van algemene bekendheid dat kinderen reeds op jonge leeftijd en zonder enige instructie tikspelletjes spelen. Het vorenstaande brengt met zich dat het tikspel, gelet op de aard van dit spel, niet als gevaarlijk kan worden aangemerkt en dat de kans op ongevallen en letsel gering is, zodat de gymdocent niet gehouden was om extra veiligheidsmaatregelen te treffen. Ook is gesteld noch gebleken dat zich tijdens de eerdere gymlessen, waarin het tikspel (met de klas van [naam minderjarige] ) werd gespeeld, incidenten hebben voorgedaan, die aanleiding zouden kunnen geven om voorafgaand aan het tikspel op 10 september 2013 de door [naam eiser] gestelde (specifieke) veiligheidsinstructies te geven of andere maatregelen te nemen. Dit betekent dat hetgeen [naam eiser] heeft gesteld niet tot het oordeel leidt dat de gymdocent zijn zorgplicht jegens [naam minderjarige] heeft geschonden en daarmee onrechtmatig heeft gehandeld.” Ook die vordering afgewezen. (vindplaats: ECLI:NL:RBZWB:2015:8707).

Labels: